article left right link-out audio play down up instagram whatsapp youtube facebook twitter mail link bookmark content-bundel quote
  • Wie bepaalt wat jij in je kop moet stampen?
    za 25 mei 2019
  • Krijg jij straks een extra vak op school?
    di 21 mei 2019
  • Hoe slechthorenden nu ook van het Songfestival kun...
    vr 17 mei 2019
  • Heeft dat klagen over je examens echt zin?
    di 14 mei 2019

Wie bepaalt wat jij in je kop moet stampen?

door Koen Koopman

Schoolboeken: voor bijna ieder vak moet je er wel eentje hebben. Dat kan voor flink wat kilo's zorgen in je rugzak. Maar wie bepaalt welke lesstof je eigenlijk allemaal in je kop moet stampen? NOS Stories zocht uit welke reis je schoolboek maakt, voordat-ie in je loodzware tas terechtkomt.

Regelmatig is er kritiek op schoolboeken. Ze zouden te ouderwets zijn, of juist te links óf te rechts. En misschien kom je ook wel eens gekke plaatjes tegen in je lesmateriaal. Wij kwamen ze ook tegen en zochten uit hoe dat kan:

Want wie bepaalt er nou wat er precies in een schoolboek, of de lessen die je online krijgt, staat? Wij nemen het stap voor stap met je door: van de overheid tot je loodzware rugtas.

1. De overheid

We beginnen met de overheid: anders dan sommige mensen denken, bepaalt de overheid niet hoe de inhoud van schoolboeken eruit komt te zien. Dat komt doordat we in Nederland vrijheid van onderwijs hebben. Het ministerie van Onderwijs bepaalt alleen in grote lijnen wat jij allemaal in je kop moet stampen. Dat noemen ze de kerndoelen.

Daarin staat bijvoorbeeld dat je bij Nederlands moet leren hoe je een presentatie geeft en dat je moet weten hoe je info online en in boeken opzoekt. En bij wiskunde moet je bijvoorbeeld grafieken, tabellen of formules kunnen gebruiken. Hier check je de hele lijst.

Voor de bovenbouw zijn de overheidsregels over wat je moet leren iets strenger dan de onderbouw. Dat is ook wel logisch, omdat je in de bovenbouw uiteindelijk allemaal hetzelfde examen maakt voor een vak. Toch zijn de meeste kerndoelen heel algemeen en gaan ze dus alleen over de grote lijnen van een vak.

Boekenschrijvers mogen voor de rest zelf bepalen wat ze opschrijven. Die schrijvers worden trouwens ingehuurd door een uitgeverij.

2. De uitgeverij

ThiemeMeulenhoff, Noordhoff of Malmberg: waarschijnlijk heb je die namen wel eens op je schoolboek zien staan. Grofweg komen de meeste boeken van de grote uitgeverijen, maar er zijn ook talloze kleinere uitgeverijen. Bijvoorbeeld Hermaion, die boeken voor Latijn uitgeeft.

In totaal maken al die uitgeverijen hun boeken voor ruim zesduizend basischolen en ruim zeshonderd middelbare scholen. Uitgevers vragen aan een groepje docenten en experts om de inhoud van de boeken te schrijven. Meestal hebben ze veel vrijheid om de kerndoelen, die de overheid stelt, te vertalen naar de schoolboeken die jij voor je neus krijgt.

Vaak schrijven meerdere docenten aan één boek. Het is vooral belangrijk dat ze de stof op een leuke en goede manier kunnen overbrengen, zodat jij er veel van opsteekt.

3. De schrijver

Het is een flinke klus om zo'n boek te vullen met uiteindelijk alle stof die jij in je kop moet stampen. Een voorbeeldje: in de kerndoelen van de overheid staat dat in een geschiedenisboek in ieder geval deze periodes moeten voorkomen:

  • tijd van jagers en boeren (prehistorie tot 3000 voor Chr.)
  • tijd van Grieken en Romeinen (3000 voor Chr. - 500 na Chr.)
  • tijd van monniken en ridders (500 - 1000)
  • tijd van steden en staten (1000 - 1500)
  • tijd van ontdekkers en hervormers (1500 - 1600)
  • tijd van regenten en vorsten (1600 - 1700)
  • tijd van pruiken en revoluties (1700 - 1800)
  • tijd van burgers en stoommachines (1800 - 1900)
  • tijd van wereldoorlogen (1900 - 1950)
  • tijd van televisie en computer (1950 - heden)

Maar hoe daarover wordt geschreven, mogen de schrijvers helemaal zelf bepalen. Best lastig hoe je met die vrijheid omgaat, merkt ook geschiedenisleraar en boekenschrijver Jan-Wolter. "Je hebt eigenlijk een opdracht van de Nederlandse regering en die bestaat uit een paar zinnen. En ga maar schrijven."

Volgens Jan-Wolter kun je dan niet overal uitgebreid op ingaan. "Een van de dingen waar leerlingen graag meer over willen weten, waren de aanslagen in Parijs." Op verschillende plekken in de stad werd in 2015 geschoten op mensen. Onder meer in theater Bataclan. In totaal kwamen 130 mensen om het leven.

"Leerlingen vroegen: 'Meneer, komt dit in het geschiedenisboek?'" Volgens Jan-Wolter is dat een lastige kwestie, want als je één aanslag noemt, moet je ze eigenlijk allemaal noemen.

"Dus moest ik zeggen: nee, ik denk het niet", vertelt de schrijver van geschiedenisboeken. Er wordt in zijn boeken wel gesproken over aanslagen, maar ze worden niet individueel genoemd. "Meer als verzamelterm", zegt Jan-Wolter.

Als schrijvers eenmaal de boel vol hebben geschreven, zijn ze nog lang niet klaar. Er gaan dan nog heel veel onderwijsexperts en docenten overheen. Die kijken of alles echt duidelijk is opgeschreven én of het allemaal klopt. Meestal worden hele stukken tekst of hoofdstukken herschreven. Vaak duurt het bijna twee jaar, voordat een boek naar de drukker mag.

4. De drukkerij

Op dit moment rollen de eerste boeken voor volgend jaar al van de band. Volgens uitgever ThiemeMeulenhoff zijn de drukkers nu keihard bezig om alles op tijd op jouw bureau te kregen.

5. Jouw school

Jouw school bepaalt hoe ze lesgeven en welke boeken ze daarbij gebruiken. Dat heeft weer te maken met vrijheid van onderwijs. De school stelt een boekenlijst samen, die via de distributeurs weer bij jou op de mat valt. Die distributeurs zijn bijvoorbeeld Van Dijk of Iddink.

Ben je het niet helemaal eens met de stof die je voorgeschoteld krijgt? Dan kan je volgens de minister altijd naar het schoolbestuur stappen. Ook kan je een klacht indienen bij de uitgeverij. Als de wet wordt overtreden in een boek, bijvoorbeeld door haatzaaien, kan het Openbaar Ministerie ook ingrijpen. De kans dat dat gebeurt, is trouwens niet zo groot.

6. Jouw rugtas

Na al deze stappen komt het boek uiteindelijk dus in jouw rugtas terecht.

Het betekent niet dat er vervolgens niet meer naar het boek gekeken wordt. Ongeveer eens in de vijf jaar doet een team van schrijvers grote aanpassingen aan het boek. Soms worden dan hele hoofdstukken op de schop gegooid.

Waarschijnlijk zien schoolboeken er over een tijdje ook heel anders uit. Voor het eerst in dik tien jaar kijken zo'n 150 leraren en experts heel kritisch naar de kerndoelen van de overheid. Weet je nog? Die regels van de overheid waar vakken in grote lijnen aan moeten voldoen.

Het gaat wel nog even duren voor die nieuwe lesstof er is. De politiek moet er nog naar kijken en ook dan moet het van stap 1 (de overheid) weer helemaal naar stap 6 (jouw rugtas). En dan ben jij waarschijnlijk allang van school af.